= heen en weer bewegen.
Verbum
schudden – schudde – geschud
→ je hoofd schudden: gebaar om “nee” te zeggen.
Voorbeeldzin
Ismaël schudde met zijn hoofd toen ik vroeg of hij honger had.

Taaltrajecten Nederlands
= heen en weer bewegen.
Verbum
schudden – schudde – geschud
→ je hoofd schudden: gebaar om “nee” te zeggen.
Voorbeeldzin
Ismaël schudde met zijn hoofd toen ik vroeg of hij honger had.
