= iemand omarmen, knuffelen
Verbum
Omhelzen – omhelsde – omhelsd
Voorbeeldzin
De twee mannen omhelsden elkaar na een lange ruzie.

Taaltrajecten Nederlands
= iemand omarmen, knuffelen
Verbum
Omhelzen – omhelsde – omhelsd
Voorbeeldzin
De twee mannen omhelsden elkaar na een lange ruzie.
