Families: Verbum

  • benieuwd

    = Vol verwachting; graag willen weten hoe iets is of zal gaan.

    Bijvoeglijk naamwoord

    Ik ben benieuwd naar de uitslag van het examen.

  • minderjarig

    Nog geen 18 jaar oud; volgens de wet ben je dan nog geen volwassene.

    Bijvoeglijk naamwoord

    Hij mag geen alcohol kopen omdat hij minderjarig is.

  • aangetekend

    (Een brief of pakket) dat officieel wordt verstuurd en waarvoor je moet tekenen bij ontvangst.

    Bijvoeglijk naamwoord / bijwoord

    Ze stuurde de belangrijke papieren aangetekend naar de verzekering.

  • wennen

    = langzaam ergens aan gewend raken, iets normaal beginnen te vinden.

    Verbum
    wennen – wende – gewend

    Voorbeeldzin

    In het begin vond ik vroeg opstaan moeilijk, maar na een paar weken begon ik eraan te wennen.

  • voorstellen

    zich voorstellen = zich in gedachten een beeld of idee maken van iets dat je niet direct ziet of meemaakt.

    Verbum
    zich voorstellen – stelde zich voor – zich voorgesteld

    Voorbeeldzin
    Ik kan me niet voorstellen hoe het is om zonder internet te leven.

  • verboden

    = niet toegestaan, niet mogen.
    Adverbium
    verboden ⬌ verplicht

    Voorbeeldzin
    Het is verboden om zonder ticket de trein in te stappen.

  • aanwijzen

    = Iets of iemand benoemen als oorzaak of oplossing.

    Verbum
    aanwijzen – wees aan – aangewezen

    Voorbeeldzin
    De trainer wees hem aan om de strafschop te nemen.

    Man die wijst

     

  • schudden

    = heen en weer bewegen.

    Verbum
    schudden – schudde – geschud

    → je hoofd schudden: gebaar om “nee” te zeggen.

    Voorbeeldzin
    Ismaël schudde met zijn hoofd toen ik vroeg of  hij honger had.

    Muis die haar hoofd schudt.

     

  • vriezen

    = als het koud is, met een temperatuur onder 0°.

    Verbum
    vriezen – vroor – gevroren

    Voorbeeldzin
    Het zal vandaag vriezen, dus zorg dat je een warme jas aantrekt.

    man die het heel koud heef in sneeuw en ijs.

  • verplichten

    =een regel maken dat iets moet

    Verbum
    verplichten – verplichtte – verplicht

    Voorbeeldzin
    Ik ben hier verplicht om rechts af te slaan.

    pijl naar rechts